juli 2026

Het duale procesmodel: waarom even niet rouwen óók rouwen is

Er is een schuldgevoel dat vrijwel iedereen kent die rouwt, en het gaat zelden over iets dat iemand verkeerd heeft gedaan. Het gaat over lachen.

Een vrouw die drie maanden na het overlijden van haar man op een feestje ineens merkt dat ze plezier heeft. Een zoon die in de week na de crematie van zijn moeder gewoon weer aan het werk gaat, en zich afvraagt of er iets mis met hem is. Een weduwnaar die een avond voetbal kijkt en er, tot zijn eigen verwarring, echt van geniet. En dan, vaak nog diezelfde avond, de gedachte: hoe kan ik nou plezier hebben, terwijl zij er niet meer is?

Voor iedereen die dit herkent, bestaat er een inzicht uit het rouwonderzoek dat ik graag doorgeef. Het heet het duale procesmodel, en het is een van de meest troostende dingen die de wetenschap over rouw te zeggen heeft.

Twee kanten van hetzelfde verlies

Het duale procesmodel werd in 1999 beschreven door Margaret Stroebe en Henk Schut, twee onderzoekers van de Universiteit Utrecht. Hun uitgangspunt is eenvoudig: wie een dierbare verliest, heeft met twee opgaven tegelijk te maken.

De eerste noemen zij verliesgericht. Dat is alles wat met het verlies zelf te maken heeft: het verdriet voelen, huilen, terugdenken, foto’s bekijken, het gemis toelaten, verlangen naar wie er niet meer is. Het is de kant van de rouw die iedereen kent en verwacht.

De tweede noemen zij herstelgericht. Dat is de kant die vaak over het hoofd wordt gezien: het leven dat óók verdergaat. De administratie die geregeld moet worden. De taken die de ander altijd deed en die nu op jouw bord liggen. Het werk, de kinderen, de boodschappen. En ja, ook: afleiding zoeken, iets leuks doen, een avond niet aan het verlies denken.

Het pendelen is de kern

Nu komt het wezenlijke inzicht. Gezonde rouw is niet het één of het ander. Gezonde rouw beweegt heen en weer tussen die twee kanten, de hele dag door, de maanden door, de jaren door. De onderzoekers noemen dat pendelen.

Even het verdriet in, dan weer het leven in. Een ochtend huilen om een gevonden brief, een middag gewoon werken. Een week waarin het gemis alles kleurt, een weekend waarin er gelachen wordt met vrienden. Heen en weer, in een ritme dat van niemand anders is dan van jou.

Lange tijd keken we daar anders naar. Afleiding gold al snel als vermijding, als het verdriet niet aangaan. Wie te snel weer functioneerde, kreeg zorgelijke blikken: die heeft het nog niet verwerkt. Stroebe en Schut lieten zien dat het precies andersom ligt. Niemand kan onafgebroken in het verdriet verblijven; dat houdt geen mens vol. De momenten van afleiding zijn geen vlucht. Ze zijn ademhaling. Even niet rouwen hoort bij het rouwen.

Voor wie zich schuldig voelt over die avond plezier: dat was geen verraad aan je verdriet, en geen teken dat je liefde kleiner is. Het was de herstelkant van je rouw die deed wat zij moet doen.

Waar het knelt

Het model laat ook zien waar rouw vast kan lopen: wanneer iemand aan één kant blijft hangen.

Wie alleen nog verliesgericht is, dreigt erin onder te gaan. Alles staat stil, het leven eromheen verdwijnt uit beeld, het verdriet wordt een kamer zonder deuren.

Wie alleen nog herstelgericht is, kent het omgekeerde. Altijd druk, altijd sterk, altijd zorgen voor anderen. Van buiten lijkt het kranig, maar er wordt iets vooruitgeschoven dat niet weggaat. Vroeg of laat klopt het alsnog aan, soms jaren later, en vaak op een onverwacht moment.

Bij beide geldt: er is niets mis met jou. Maar het kan helpen wanneer iemand een tijdje met je meekijkt en de andere kant voorzichtig weer toegankelijk maakt.

Ieder pendelt anders

Er is nog iets dat dit model zo waardevol maakt, zeker binnen gezinnen en relaties: mensen pendelen verschillend.

De één zoekt de verlieskant vaker op: praten, huilen, herinneringen delen. De ander verblijft meer aan de herstelkant: regelen, werken, doen. Heel grof gezegd pendelen mannen wat vaker naar de herstelkant en vrouwen wat vaker naar de verlieskant, al is dat een generalisatie die lang niet altijd opgaat.

In een gezin dat samen rouwt, kan dat verschil pijnlijk worden. Hij rouwt niet, denkt zij, hij is alweer aan het klussen. Zij blijft erin hangen, denkt hij, ze wil er steeds over praten. Terwijl er in werkelijkheid twee mensen rouwen, ieder in het eigen ritme. Alleen al het zien van dat verschil kan in een gezin veel lucht geven. Niemand rouwt fout; jullie pendelen anders.

Wat dit betekent voor jouw rouw

Uit dit alles volgt geen stappenplan, en dat is precies de bedoeling. Rouw is niet lineair en laat zich niet plannen; het komt in golven. Maar een paar dingen mag je uit dit model meenemen.

Vertrouw je eigen ritme. De golf die komt, mag komen. De rust die daarna komt, mag er ook zijn.

Geef jezelf toestemming voor beide kanten. Het verdriet hoeft niet elke dag; het leven hoeft niet elke dag. Zolang beide af en toe aan de beurt komen, doe je precies wat een rouwend mens doet.

En als je merkt dat één kant onbereikbaar is geworden, dat je alleen nog kunt doen, of alleen nog kunt verdrinken, weet dan dat dat het moment kan zijn om iemand mee te laten kijken.

In mijn begeleiding bij rouw en verlies is dit model nooit een schema dat ik opleg. Het is eerder een stille achtergrond: het helpt om samen te zien waar jouw ruimte zit, en waar het stroef is geworden. Jij houdt de regie, over het tempo en over waar het over gaat.

Wil je eens spreken over jouw verlies, hoe kort of lang geleden ook? We beginnen altijd met een vrijblijvende kennismaking, telefonisch of bij een kop thee. Verdriet kent geen kalender; jouw moment is het goede moment. Neem gerust contact op.

← Terug naar alle schrijfsels